Welkom op de website van het
Begeleidingstehuis Ons Tehuis

Homepagina - VOT
test

Ons Tehuis

Den Akker

Harmonie

DIVAM

JEZ11

Begeleidings-
tehuis

Dagcentrum

Thuisbegelei-
dingsdienst

Alternatieve
Maatregelen

Residentiële voorziening
cat. 1bis

test
Praktische info

Historiek

Organigram

Jaarverslag

Erkenning - Doelgroep

Leefgroepen

Kamertrainingscentrum

Begeleid Zelfstandig Wonen

Contact

Interessante links

test
De Verticaal Gemengde Leefgroepen

In de voorziening 'Ons Tehuis' zijn er over 3 leefgroepen 38 plaatsen voorzien voor de opvang en begeleiding van meisjes en jongens tussen 0 en 16 à 18 jaar. Iedere leefgroep is gekenmerkt door:

  1. Een eigen leefklimaat
  2. Gestructureerd leefpatroon
  3. Persoonsgerichte benadering op basis van een handelingsplan
  4. Schooloriëntering en studiebegeleiding
  5. Contextbegeleiding
  6. Samenwerking met externe diensten
  7. Intensieve, gerichte en totale teambegeleiding.

1. Een eigen leefklimaat

Elke leefgroep betrekt een apart huis, omzoomd door een eigen tuin. De accommodatie is ruim, modern en omvat alle vereisten voor een comfortabele opvang (o.m. een volledig ingerichte keuken; een ruime living met aparte eethoek en zithoek; ontspanningsruimtes; een ontvangstruimte; ...). Er zijn 10 individuele kamers, en 2 kamers voor 2 personen.

Een goede werking van een voorziening die meerdere afdelingen omvat, is niet mogelijk zonder een richtinggevend kader. Daarbinnen wordt evenwel aan elke leefgroep ook een grote autonomie geboden. Zo onder meer op het vlak van budgetbeheer en budgetbesteding, en zeker op het gebied van de pedagogische werking. Elk begeleidingsteam legt andere accenten binnen de structuur van algemene leefregels en afspraken. Maar allen streven ernaar de kinderen en jongeren zich goed te laten voelen in de voorziening.

Het realiseren van een aangename sfeer in de leefgroepen geschiedt niet enkel door de leefruimten zo gezellig mogelijk in te richten, maar vooral door voortdurend aandacht te hebben voor het creëren van een goede groepssfeer: samenleven in groep is niet steeds even gemakkelijk, doch samen met de jongeren wordt er voortdurend naar gestreefd, en kan dit verrijkend werken. Eén van de middelen hiertoe vormt de bewoners-vergadering.

Voorts worden speciale momenten zoals verjaardagen, St.-Maarten, kerst & nieuwjaar ... aangegrepen om gezellig samen te zijn en te feesten. En bovenal, wordt een respectvolle omgang en aanvaarding van ieder individu zeer belangrijk gevonden, en worden de kinderen en jongeren hiertoe waarden en normen bijgebracht. Aldus wordt een eigen leefklimaat gecreëerd in de verschillende leefgroepen.

2. Gestructureerd leefpatroon

Elk opgroeiend kind en jongere heeft voor zijn harmonische ontplooiing nood aan zekerheid, houvast en voorspelbaarheid. Dit is nog sterker het geval voor kinderen en jongeren die in de Bijzondere Jeugdzorg terechtkomen, daar zij tengevolge van een problematische opvoedingssituatie innerlijk onzeker en onrustig zijn. Hen wordt a.h.w. van buitenaf rust en regelmaat -die ze geleidelijk aan zelf binnenin kunnen verwerven- aangeboden via een sterk uitgewerkte structurering.

Binnen de leefgroepwerking vertaalt dit zich in het opstellen van een veelheid aan leefregels en grenzen. Inse zijn er in elk gezin heel wat regels, afspraken en verwachtingen aanwezig, doch in een leefgroep worden deze veel explicieter aangewend. Omwille van de groepsgrootte en het werken met een team van meerdere begeleiders dient voor eenieder duidelijk te zijn wat kan en niet kan om de betrachte regelmaat te bereiken.

Uiteraard hebben deze leefregels slechts hun waarde als er door het opvoedend team consequent mee omgegaan wordt: positief gedrag wordt bekrachtigd; op ongewenst, grensoverschrijdend gedrag volgt systematisch een passende ontradende reactie, steeds gericht op het gedrag en niet op de persoon. Een kordate opstelling vanwege de begeleiding is hierbij vaak vereist.
Tot slot kan structurering niet los gezien worden van activering. De jongeren worden aangemoedigd tot actief bezig zijn. Dit wordt enerzijds gerealiseerd via het aanbod van groepsactiviteiten allerhande; daarnaast dient de jongere ook te leren om zijn individuele vrije tijd zinvol en plezant in te vullen via een eigen hobby in de leefgroep, via externe clubs en via sociale contacten.
Dankzij deze structurering leert de jongere greep te krijgen op zijn leefwereld en kan hij zijn functioneren sturen.

3. Persoonsgerichte benadering op basis van een handelingsplan

Aan elke jongere die in de leefgroep verblijft, willen we maximale kansen bieden om tot een gezonde ontwikkeling te komen. Dit vereist een individuele benadering waarbij ingespeeld wordt op concrete hulpvragen en moeilijkheden, naast het oog hebben voor en het inpikken op de sterke kanten bij de persoon in kwestie. Er wordt niet enkel gefocust op problemen, maar vooral gewerkt met de aanwezige vaardigheden en positieve persoonseigenschappen.

Zowel de 'positieve gedragsaspecten' als de 'werk- en aandachtspunten' op diverse terreinen (individueel; leefgroep; school of werk; gezin en ruimere context) worden opgenomen in een handelingsplan. Dit geeft weer waaraan, op welke wijze en binnen welke termijn gewerkt wordt in de concrete begeleiding van de jongere. Het handelingsplan wordt samen met de jongere en zijn betrokkenen (ouders, consulent) opgesteld, besproken en regelmatig bijgestuurd.
M.b.t. specifieke hulpvragen kan aansluitend beroep gedaan worden op externe diensten (CLB; revalidatiecantrum; CGGZ; enz.) om de individuele hulp zo optimaal mogelijk te organiseren.

4. Schooloriëntering en studiebegeleiding

De minderjarige jongeren in de leefgroepen zijn onderworpen aan de leerplicht. Vanuit de voorziening gaan zij naar scholen in de nabije of ruimere regio. Indien mogelijk, wordt hun vertrouwde school aangehouden. Indien tot een (her)oriëntering moet worden overgegaan, geschiedt dit steeds in nauw overleg met de jongeren en de ouders.
De waarde van een goede schoolcarrière en van het bereikte resultaat (diploma; getuigschrift) kan niet overschat worden. Daarom wordt heel wat geïnvesteerd in het opvolgen van het schools functioneren van de jongeren, en is daartoe dagelijks studiebegeleiding voorzien in de leefgroepen.

De jongere werkt op zijn individuele kamer en krijgt opvolging en ondersteuning van de begeleiders. Voorts is het belangrijk nauw contact te onderhouden met leerkrachten, schooldirectie, CLB, en worden ouders actief betrokken in dit ganse gebeuren (oudercontacten; rapportbesprekingen).

5. Contextbegeleiding

In de begeleiding van de ons toevertrouwde jongere hebben we zijn gezin/familie als partner nodig. We kunnen de jongere het beste helpen als zijn natuurlijk milieu betrokken is bij de begeleiding. In de eerste plaats is dit het gezin, maar kan ook de ruimere familiale context zijn, zoals grootouders, broers, zussen, ...

In de gezinsgerichte werking wensen we de ouders zoveel mogelijk te informeren over, en te betrekken bij de opvoedingsaanpak van de jongere. Ouders worden betrokken in belangrijke gebeurtenissen en beslissingen. Het is een hoofdbetrachting om te komen tot een verbetering van de aangemelde problematiek of tot een herstel van de onderlinge relaties.
Opvoedingsondersteuning geschiedt via oudergesprekken, gezinsgesprekken, huisbezoeken. Indien vastgesteld wordt dat opnieuw samenleven niet meer tot de mogelijkheden behoort, wordt er toch naar gestreefd om een goed contact tussen de geplaatste jongere en het gezin te realiseren.

Het uitwerken van een contactregeling geschiedt op maat van de betrokkenen, en contacten worden gradueel opgebouwd om succeservaringen op te doen. Er is daarbij een diversiteit in de contacten mogelijk (telefoon; post; bezoek; thuisverblijf). Ook hier, zijn we niet eenzijdig probleemgeoriënteerd, maar hebben we ook oog voor de krachten, de positieve ontwikkelingen, de inzet en goede bedoelingen van betrokkenen. Belangrijk is om onze doelstellingen en verwachtingen t.a.v. het gezin zo expliciet en concreet mogelijk op te nemen in het handelingsplan, naast deze van het gezin zelf.

6. Samenwerking met externe diensten

Een opname in een voorziening Bijzondere Jeugdzorg gebeurt steeds in opdracht van een verwijzer of 'beslisser', m.n. het Comité Bijzondere Jeugdzorg of de Jeugdrechtbank. Begeleiding behelst dan ook steeds een nauw overleg en samenwerking met deze instanties.
Voor sommige jongeren is het wenselijk dat we bij de begeleiding een beroep doen op personen die een specifieke professionele hulpverlening kunnen aanbieden, zoals bv. CLB, CAW, DGGZ, ... Cruciaal zijn dan goede afspraken i.v.m. taakverdeling en uitwisseling.

7. Intensieve, gerichte en totale teambegeleiding

Binnen Ons Tehuis wordt geopteerd voor een integrale stafbegeleiding. Aan elke leefgroep is een pedagogisch stafmedewerker verbonden: hij/zij volgt de jongeren uit één leefgroep op in alle aspecten: het individueel en groepsfunctioneren; het sociaal netwerk (gezin; betekenisvolle derden); school/werk; plaatsende instantie; externe hulpverlening ...

Dagelijks (op weekdagen) vindt een briefing plaats waarbij de stafmedewerker wordt geïnformeerd door de dienstdoende begeleid(st)ers over het reilen en zeilen in de leefgroep, en waarbij overleg plaatsvindt om de begeleiding bij te sturen. Wekelijks is er een teamvergadering met alle begeleid(ts)ers en de stafmedewerker waarin de diverse aspecten van de begeleidingstaak aan bod komen (advies rond crisisinterventie; structurele aanpak; handelingsplanning; teamwerking; structurering en activering ...).

De stafmedewerkers worden op hun beurt ondersteund door de pedagogische staf (collega's stafleden & directie) in een wekelijkse stafvergadering. Aldus kan de begeleiding als intensief, gericht en totaal bestempeld worden.

Klik hier om de onthaalbrochure van de verticaal gemengde leefgroepen in pdf-formaat te openen.