Welkom op de website van de
Dienst Ieper - Veurne voor Alternatieve Maatregelen

Homepagina - VOT
test

Ons Tehuis

Den Akker

Harmonie

DIVAM

JEZ11

Begeleidings-
tehuis

Dagcentrum

Thuisbegelei-
dingsdienst

Alternatieve
Maatregelen

Residentiële voorziening
cat. 1bis

test
Praktische info

Historiek

Organigram

Jaarverslag

Erkenning - Doelgroep

Gemeenschapsdienst

Sociale Vaardigheidstraining

Herstelbemiddeling

Herstelgericht groepsoverleg

Ouders steunen in opvoeden

Contact

Interessante links

test
Herstelgericht groepsoverleg

  1. Definitie
  2. Ontstaansgeschiedenis
  3. Wettelijk kader
  4. Doorverwijzingsprocedure
  5. Werkingsprincipes
  6. Verloop

1. Definitie
Het herstelgericht groepsoverleg (hergo) is een overleg waarbij het slachtoffer en zijn steunfiguren samen met de jongere, zijn ouders, steunfiguren, consulent van de sociale dienst voor Gerechtelijke Jeugdbijstand, advocaat en politie, onder begeleiding van een onafhankelijke moderator samen een oplossing zoeken voor de mogelijke gevolgen van het als misdrijf omschreven feit en de mogelijke antwoorden hierop.
Door de aanwezigheid van de steunfiguren van zowel slachtoffer als verdachte, werkt een herstelgericht groepsoverleg duidelijk netwerkversterkend.

2. Ontstaansgeschiedenis
Herstelgericht groepsoverleg is gegroeid vanuit een herstelrechterlijke visie. In deze visie staat niet het delict centraal, maar wel de gevolgen van het delict. Verdachte en slachtoffer worden als eerste en direct betrokkenen, samen met de samenleving, maximaal aangesproken om toekomstgericht te zoeken naar een vorm van herstel of een oplossing voor de gevolgen van het delict. Herstel of goedmaking is hierbij de leidraad.

Het herstelgericht groepsoverleg is een Nederlandstalige term voor het Engelse “Family Group Conferences”. Dit is een aparte manier waarop jeugddelinquentie wordt afgehandeld en werd oorspronkelijk in Nieuw-Zeeland ontwikkeld. Deze Family Group Conference bestaat uit een uitgebreid overleg tussen verdachte en zijn gezin (of familie), het slachtoffer en steunfiguren, de politie en leden van de bredere gemeenschap. Deze afhandelingsvorm is gericht op het vinden van een constructieve oplossing voor de gevolgen van het delict. In 1989 werd het principe van Family Group Conference in het Nieuw-Zeelandse jeugdrecht ingeschreven. De jeugdrechter kan sinds dan (bijna) geen maatregel meer opleggen tenzij een Family Group Conference werd geprobeerd.

Steeds meer wordt conferencing erkend als een herstelgerichte methode in de aanpak van delinquentie. Een studiebezoek aan Australië en Nieuw-Zeeland leidde tot de idee om conferencing voor ernstige misdrijven, gepleegd door minderjarigen, ook in Vlaanderen te implementeren. Met de steun van de Vlaamse Gemeenschap startte vanaf eind 2000 een wetenschappelijk begeleid pilootproject. Het project had als doel een herstelgerichte afhandeling aan te bieden voor ernstige als misdrijf omschreven feiten. De belangrijkste reden daarvoor was dat in Vlaanderen al een goed werkende traditie bestaat van slachtoffer-daderbemiddeling. Deze bemiddelingen vinden echter grotendeels plaats op parketniveau en voor minder ernstige feiten. Het leek dan ook beter conferencing toe te passen als een mogelijke aanvulling voor zwaardere feiten en op niveau van de jeugdrechtbank.

3. Wettelijk kader
Het herstelgericht groepsoverleg vindt zijn wettelijk kader in de ‘Wet betreffende de jeugdbescherming, het ten laste nemen van minderjarigen die een als misdrijf omschreven feit hebben gepleegd en het herstel van de door dit feit veroorzaakte schade’ (mei – juni 2006). In deze wet krijgt de jeugdrechter de mogelijkheid om aan minderjarigen herstelgericht groepsoverleg voor te stellen.

4. Doorverwijzingsprocedure
Een minderjarige pleegt een feit waarvan via de bevoegde politiedienst een proces-verbaal wordt opgemaakt, dat samen met het dossier van de minderjarige terecht komt bij de Parketmagistraat bevoegd voor jeugdzaken. Deze heeft dan verschillende mogelijkheden: seponeren (als men van oordeel is dat de feiten te licht zijn, en een gerechtelijke tussenkomt meer kwaad dan goed zou doen), herstelbemiddeling aanbieden of de Jeugdrechter vorderen.

Als de Jeugdrechter wordt gevorderd, zal deze de Sociale Dienst voor Gerechtelijke Jeugdbijstand inschakelen. De bedoeling is dat een consulent van de Sociale Dienst een maatschappelijk onderzoek voert. Dit is een onderzoek naar de achtergrond van de minderjarige (thuissituatie, school, ...). In dit maatschappelijk onderzoek doet de consulent aan de Jeugdrechter reeds een voorstel van maatregel. Dit voorstel kan een plaatsing, ondertoezichtstelling, ... , maar ook een constructieve afhandeling zijn. Eens dit maatschappelijk onderzoek afgerond is, wordt het opgestuurd naar de Jeugdrechter en de Parketmagistraat.

De zaak van de jongere wordt op zitting geplaatst, waarbij de Jeugdrechter een maatregel uitspreekt. Dit kan het advies zijn dat de consulent heeft geformuleerd in het maatschappelijk onderzoek, maar een Jeugdrechter kan hier eventueel ook van afwijken.

Als de Jeugdrechter van oordeel is dat een herstelgerichte afhandeling gepast en praktisch haalbaar is, kan hij een herstelgericht groepsoverleg aanbieden. Een afschrift van deze beslissing wordt naar DIVAM opgezonden.

Ook bij directe voorleiding of rechtstreekse dagvaarding kan de jeugdrechter een hergo aanbieden.

5. Werkingsprincipes
Het herstelgericht groepsoverleg is op vier werkingsprincipes gebaseerd:

  1. hergo is vrijwillig: Niemand van de direct betrokken partijen is verplicht deel te nemen. Een herstelgericht groepsoverleg is een vrijwillig aanbod, waar men al dan niet kan in mee stappen. Dit wil dus ook zeggen als men beslist om mee te werken, men ten allen tijde kan beslissen er opnieuw uit te stappen.
  2. hergo is vertrouwelijk: De gesprekken die in het kader van het hergo plaatsvinden zijn vertrouwelijk. Wat binnen het hergo aan bod komt, wordt niet verder verteld, tenzij partijen akkoord gaan om bepaalde elementen aan de jeugdrechter over te brengen.
  3. hergo is meerzijdig partijdig: De moderatoren stellen zich neutraal (of beter: meerzijdig partijdig) op. De moderatoren zijn er zowel voor de verdachte en het slachtoffer, houden hun beider belangen in het oog en zorgen ervoor dat het evenwicht tussen de partijen niet verstoord wordt.
  4. hergo is transparant: De moderatoren verduidelijken aan de direct betrokken partijen hun rol, mogelijkheden en beperktheden, het doel en de grenzen van het herstelgericht groepsoverleg. Ze houden op geen enkel moment informatie achter.

6. Verloop
Wanneer de jongere akkoord gaat met het voorstel van de jeugdrechter om aan een herstelgericht groepsoverleg deel te nemen, stelt de jeugdrechter de zaak voor een aantal maanden uit, en laat hij aan een moderator weten dat hergo van start kan gaan.

De moderator contacteert in een voorbereidende fase de verschillende partijen. Pas daarna gaat hergo effectief van start.
Er wordt contact opgenomen met de jongere, zijn ouders en met het slachtoffer. Als zij bereid zijn aan het herstelgericht groepsoverleg deel te nemen, wordt er contact opgenomen met de steunfiguren en de professionele actoren. In deze kennismakingsgesprekken worden de partijen geïnformeerd over de doelstellingen en het verloop van hergo met behulp van de onthaalbrochure. Deze onthaalbrochure kan je hier in pdf downloaden.
Tijdens de eerste gesprekken wordt er tevens aandacht besteed aan het verhaal van de betrokkenen.

Een hergo-zitting bestaat uit drie fasen:

  1. Tijdens de eerste fase, de introductiefase, worden de doelstellingen van hergo overlopen door de moderator. Iedereen wordt verwelkomd en voorgesteld.
  2. Na de introductie wordt er overgegaan naar de overlegfase. Er wordt nogmaals benadrukt dat het deelnemen aan het hergo op vrijwillige basis gebeurt. Deze fase gaat verder met het voorlezen van het P.V. (de feiten) door de politie. Er wordt expliciet gevraagd of de jongere de feiten niet ontkent. Dit is belangrijk aangezien de jongere zijn verantwoordelijkheid moet willen opnemen. Het slachtoffer en zijn steunfiguren krijgen de kans om hun verhaal te doen. Vaak blijkt dat het delict niet alleen invloed heeft gehad op het slachtoffer, maar dat ook de omgeving van het slachtoffer gevolgen heeft ondervonden. De jongere en zijn steunfiguren krijgen eveneens de kans om hun versie van de feiten weer te geven. De jongere duidt de gevolgen die de feiten voor hem hebben teweeggebracht. Hij gaat in op de vragen die door het slachtoffer worden gesteld. De ondersteuners van de minderjarige kunnen aangeven hoe zij de feiten en de gevolgen ervan hebben ervaren. De jonge verdachte hoort vaak dan pas voor het eerst dat ook zijn ouders en ruimere omgeving beïnvloed werden door zijn handelingen. Na de verhaalvertelling wordt gefocust op de mogelijkheden tot herstel, dit zowel aan slachtofferkant als aan de kant van de verdachte.
  3. In een derde fase, de fase van het privéoverleg, zonderen de verdachte en zijn steunfiguren zich af om een voorstel van herstel op papier te zetten. In dit privéoverleg wordt gewerkt aan een voorstel tot overeenkomst, waarbij wordt nagedacht over welke schade werd veroorzaakt door het delict en hoe deze schade kan worden hersteld. Dit voorstel focust zich op een drietal vlakken:
    - herstel aan het slachtoffer
    - herstel aan de samenleving
    - vermijden van recidive.
    Dit voorstel wordt ook een intentieverklaring genoemd. In de intentieverklaring is het de bedoeling dat de verschillende betrokken partijen komen tot een consensus over de concrete herstelacties. De jongere schrijft deze intenties neer. Er worden eveneens concrete afspraken gemaakt over het opvolgen van de intentieverklaring.
    Na het privéoverleg brengt de jongere verslag uit en stelt hij de intentieverklaring voor aan alle aanwezigen. Dit intentieplan wordt door alle aanwezigen becommentarieerd, waarbij er constructieve suggesties kunnen worden gedaan. Men tracht tot afspraken te komen die voor alle betrokkenen aanvaardbaar zijn en die een constructieve oplossing vormen voor de gevolgen van het misdrijf. De co-moderator, die samen met de moderator hergo begeleidt, schrijft de uiteindelijke concrete herstelacties op waar de betrokkenen het over eens zijn.

Wanneer het intentieplan na goedkeuring door iedereen is ondertekend, sluit de moderator het herstelgericht groepsoverleg af met het uitleggen van de verdere gerechtelijke procedure. Door deze uitleg weten de betrokkenen wat hen nog te wachten staat en wordt het formele karakter van de intentieverklaring benadrukt. Het intentieplan wordt aan de jeugdrechter bezorgd, die het plan al dan niet volledig kan goedkeuren. Na de goedkeuring volgt de uitvoering van het plan. DIVAM volgt de algemene uitvoering van de afspraken op. Wanneer de afspraken uitgevoerd werden, brengt DIVAM de jeugdrechter hiervan op de hoogte.